Actueel - Nieuws

Corona heeft drempel naar onlineonderwijs verlaagd

Het afgelopen jaar heeft het onlineonderwijs noodgedwongen een vlucht genomen. Gebleken is dat onlineonderwijs prima gaat, maar ook zijn beperkingen heeft. Aanpassingen in lesvormen en didactiek zijn nodig om de gewenste leerresultaten te krijgen. Dat geldt voor onderwijs aan leerlingen van jong tot oud.

21 mei 2021

Eric Kokke, initiatiefnemer van de KNVI Super Tuesday over digitalisering in het onderwijs, spreekt uit eigen ervaring. Zijn werkgever, een opleidingsinstituut, werd net als alle andere opleiders geconfronteerd met het feit dat door de coronamaatregelen geen fysieke lessen meer gegeven konden worden. Trainingen en cursussen vonden volledig digitaal plaats. “Dat was in het begin niet meer dan een videoles. Dat ging vrij goed door alle tools, zoals Zoom of Google Meet, die al beschikbaar waren. Het verschil tussen een fysieke les en online les hoeft niet groot te zijn. Je zit in een bepaalde ruimte en als je de les online doet, is die ruimte virtueel.”

In die eerste periode waren de verwachtingen niet zo hoog van de studenten, maar toen de tijd vorderde werd het gemis van bepaalde aspecten groter. Bijvoorbeeld het gezamenlijk werken aan groepsopdrachten, de gesprekken bij het koffiezetapparaat in de pauzes of de mogelijkheid om snel iets tegen een medeleerling te zeggen tijdens het college. “Daar moet je dus onlineruimte voor creëren, hebben we geleerd. We laten groepsopdrachten wat langer duren, koffiemomenten worden bewust ingepland en we hebben aan docenten gevraagd om veel tools te gebruiken.” Kokke denkt dan aan tools als Mentimeter of online whiteboards. “Dat gaat steeds beter. Mensen wennen ook het aan het gebruik van die onlinetools.”

Leren van sociale vaardigheden
Kokkes werkgever geeft les aan volwassenen. “Ik denk wel dat dat een andere doelgroep is dan scholieren. Die groep gaat ook naar school voor de sociale vaardigheden. Dat is met digitale hulpmiddelen lastiger. Je hebt andere tools nodig om vaardigheden te leren.” Toch denkt Kokke dat met technologie bijvoorbeeld zoals augmented reality of virtual reality veel mogelijk is.

Hij is dan ook optimistisch over de toekomst. “Ik denk dat misschien wel meer dan 80% van het onderwijs online kan plaatsvinden.” Dat bijvoorbeeld flip-the-classroom voorheen niet echt aansloeg – een concept waarbij theorie in eigen tijd wordt gedaan en de klas wordt gebruikt om te oefenen – komt volgens Kokke omdat mensen het moeilijk vinden om te veranderen. Hetzelfde geldt voor e-learning, dat in andere landen veel meer aftrek vindt dan in Nederland. “Het afgelopen jaar heeft laten zien dat er veel meer kan dan dat we vooraf voor mogelijk hadden gehouden. Dat nemen we mee naar de toekomst en dan gaan dingen na deze tijd misschien wel veranderen.”


SUPER TUESDAY OVER DIGITALISERING IN HET ONDERWIJS
In deze Super Tuesday-sessie van beroepsvereniging KNVI over ‘Digitalisering van het onderwijs’ delen drie experts hun ervaringen en visie. De thema’s die zij behandelen zijn onder andere ‘Digitale fitheid: zijn we (docent en scholier, student, cursist) eigenlijk wel in staat om digitaal onderwijs te verzorgen en te volgen?', 'Onderwijs zonder fysiek gebouw’ en ‘Digitalisering van het onderwijs in de praktijk’. Super Tuesday vindt plaats op 1 juni 2021. >> Meer informatie en aanmelden

Dit artikel verscheen op 21 april in AG Connect.

Over de auteur

KNVI

deel deze pagina via

Reacties toevoegen is alleen mogelijk voor leden, klik hier om deze pagina te bekijken binnen mijn.knvi.nl. Comments